Hoge bloeddruk
Vandaag stond in De Pers een artikel over het groeiende fietsenleed in de grote steden. Een herkenbaar probleem, vooral in Amsterdam. Daar word je niet alleen van de sokken gereden door taxi’s, trams en fietsende forensen, je moet er bovendien beducht zijn op groepen toeristen die voor het eerst in hun leven een stalen ros beklimmen. Tussen toeterende taxi’s, woest rinkelende trams en foeterende fietsende forensen.
In Den Haag gaat het er een stuk rustiger aan toe. Desondanks vormt de fietstocht van huis naar Centraal Station en terug mijn dagelijkse Grootste Ergernis. Ik heb er niet eerder over geschreven, omdat het te veel pijn deed. En omdat ik vond dat ik me aanstelde. Maar nu, beste dames en heren, heb ik dankzij De Pers een legitieme reden om eens goed van leer te trekken tegen de fietsroute door het centrum van onze – verder wonderschone – hofstad.
“Nu doen de gemeentes er van alles aan om het de fietser zo makkelijk mogelijk te maken,” liet De Pers weten. Ook in Den Haag is een plan gepresenteerd. Een plan, dat als het aan mij ligt liever nog vandaag dan morgen ingevoerd mag worden! Zelfs al heb ik het nog niet gezien, erger dan het nu is, kan het haast niet worden.
Om zo snel mogelijk van huis naar station te komen, moet ik door de binnenstad fietsen. Ik kan kiezen voor de route over de Grote Marktstraat. Maar dat is een chaos van jewelste, waar het fietspad in het midden van de straat ligt. Een concept dat nog steeds bijna niemand snapt. Bovendien is een deel van de straat versmald in verband met de sloop van de gebouwen die plaats moeten maken voor de Nieuwe Haagse Passage (voor het gemak staat er maar één weinig veelbelovend plaatje van het plan op de website). De andere optie is om langs de Grote Kerk, over het Buitenhof en door het Binnenhof te fietsen. Deze route heeft mijn voorkeur, want dan fiets ik elke dag langs een klein kasteeltje. Helaas is ook dit geen frustratievrije optie.
De fietsers vormen in Den Haag – in tegenstelling tot wat De Pers beweert – niet het grootste probleem. Het zijn de voetgangers (en duiven) die mijn bloeddruk elke ochtend en avond doen stijgen. Het is in de stad namelijk niet duidelijk genoeg welke stukken wandelgebied zijn en welke delen bestemd zijn voor auto’s, trams en fietsers. Hierdoor kuiert het winkelend publiek rustig over straat, terwijl ik ook al tramrails en gaten in de weg moet ontwijken. Op het Binnenhof is het uiteraard helemaal een ramp. Ik ben helaas niet de enige die het er mooi vind en moet regelmatig uitwijken voor dagjesmensen van divers pluimage.
Als ik de barre tocht wonder boven wonder heb overleefd, volgt de volgende bloed-onder-mijn-nagels-vandaan ergernis: het parkeren van de fiets. Of ik hem nu in de toren zet (10 minuten trappen lopen en 10 minuten plekje zoeken) of op het plein (20 minuten plekje zoeken) het is hoe dan ook een crime. Om over het terugvinden ervan nog maar te zwijgen.
Er zit niets anders op, voor mijn gezondheid zal ik moeten verhuizen naar Zuid-Limburg. Immers, je zal er maar wónen!




december 15th, 2011 at 14:40
Als je de Lange Vijverberg neemt (ipv het Binnenhof) heb je geen last van voetgangers.
Dan Schouwburgstraat, Bleijenburg en Herengracht.
Of Korte Voorhout en Koningskade; op de Koningskade kan de fiets gemakkelijk aan een lantaarnpaal oid worden vastgemaakt.