Lebendige Theatergeschichte
Vorig jaar, toen Den Haag Direct nog niet eens in de lucht was, vroeg ik al aan Jeroen, een van de grote bazen, of ik ook een keer zou mogen bloggen over Johannes Heesters.
‘Nee’, zei hij streng, ‘want het moet over Den Haag gaan’.
Ik heb me dus een hele tijd ingehouden, zelfs toen Johannes Heesters me in 2009 persoonlijk vertelde dat hij in Den Haag had gewoond. Ik wilde weten waar, maar hij wist het niet meer.
Eergisteren, in Erfurt in de voormalige DDR, zag ik het ineens in de boekwinkel. In een stoeptegel van een boek waarin zijn filmcarrière wordt geïllustreerd, stond een foto van het geboortekaartje van zijn eerste dochter Louise, roepnaam Wiesje. Het adres stond erbij: Merkusstraat 156, in het Bezuidenhout.
Voor wie niet heel erg thuis is in de wereld van de showbiz: Heesters vertrok in de jaren dertig naar Duitsland, waar hij een glanzende toneel- en filmcarrière maakte. In Nederland maakte niemand daar een punt van, tot hij in de jaren zestig in eigen land de rol van majoor Von Trapp zou spelen in ‘The Sound of Music’. Sinds die tijd is hij voor veel mensen omstreden. Intussen treedt hij nog steeds op. In Erfurt vierde hij deze week zijn 107e verjaardag met een galavoorstelling, waar ik bij was, samen met Ronald, die zo ongeveer om de hoek van Heesters’ vroegere Haagse adres woont.
In Erfurt vielen we op als Nederlandse bezoekers, want die waren er niet zoveel.
‘Mag ik u wat vragen?’, vroeg een man met een videocamera, waar op stond dat hij van de Sachsenschau was. ‘Is dat Hollands dat u spreekt? Komt u uit Holland?’
‘Zeker wel. We zijn gisteren helemaal uit Den Haag komen glijden’, zei ik tegen de camera. ‘Met al die gladheid en de sneeuwval.’ Dat was niet helemaal waar, maar voor een televisiecamera mag je de waarheid een beetje aandikken.
Ronald en ik stonden bij de garderobe van de Kaisersaal in Erfurt, waar zojuist het 107. Geburtstagsgala van Johannes Heesters was afgelopen. Iemand van 107 die simpelweg nog in leven is, dat is al bijzonder genoeg. Maar iemand als Johannes Heesters, die nog met Louis Davids heeft opgetreden en nu nog steeds de sterren van de hemel zingt, dat is magie, dat is… bijna onaards.
Heesters is gestopt met roken, het heeft de afgelopen week in alle kranten gestaan maar hij vertelde het graag nog eens voor de microfoon. Drie of vier weken al heeft hij geen sigaret meer aangeraakt. ‘Mijn dokter heeft gezegd: “Hij moet niet meer roken, dat is levensgevaarlijk”. En je moet wat aannemen van zo’n man, hij is dokter, je kunt niet zeggen: “Die heeft er geen verstand van”’, aldus de hoogbejaarde performer, aan wie je de jaren wel een beetje begint af te zien.
Eerlijk gezegd maakte ik me een beetje zorgen. Toen ik hem voor het laatst had zien optreden in Stuttgart, leek hij me een stuk brozer dan de keer daarvoor, sindsdien waren er anderhalf jaar verstreken, en dat tikt aan als je boven de honderd bent.
Maar op het moment dat hij eenmaal zijn plekje op het podium had ingenomen, staand tegen de vleugel, wisten Ronald en ik meteen dat het wel snor zat. Timing goed, adem genoeg, volume dik in orde, Heesters veegde de vloer aan met de veel jongere zanger van het Salonorkest Weimar, dat hem in Erfurt begeleidde.
Voor de pauze zong Heesters vier nummers achter elkaar. Eerst ‘Ich knüpfte manche zarte Bande’ (uit Der Bettelstudent), daarna ‘Ich bin Gott sei dank nicht mehr jung’ uit de musical Gigi, vervolgens ‘Man müsste Klavier spielen können’ en als laatste voor de pauze ‘Ich werde hundert Jahre alt’, het wat niksige nummer van de gelijknamige cd ter gelegenheid van Heesters’ honderdste verjaardag, geproduceerd door Jack White.
Na een paar nummers ging Heesters’ timing wel enigszins achteruit. Florian, de jonge pianist, had er een hele kluif aan om zijn tempo steeds aan te passen als Heesters weer eens een lange uithaal deed. Een enkele keer vergiste hij zich in de tekst. Zo zong hij ‘Ich habe die Menschen zum sterben gebracht’; het had moeten zijn ‘zum lachen gebracht’, nogal een verschil, maar op Jopie’s leeftijd mag je wat door de vingers zien.
Ronald en ik waren niet de enige groupies. Beneden in de Kaiser zat een bejaarde dame in een roze trui met een grote ruiker, gespitst op elke gelegenheid om die op het podium aan de jarige aan te bieden. Ze had ook een verjaardagskaart bij zich met een chip erin die de hele tijd ‘Happy Birthday to you’ piepte, iets dat op stille momenten door de hele zaal te horen was.
Aan het eind, toen alle optredende artiesten met ballonnen op het podium stonden en de zaal Heesters toezong ter gelegenheid van zijn verjaardag, zag ze haar kans schoon. Ze besteeg het trapje naar het podium, maar werd resoluut teruggezonden. Toen vijf minuten later de show was afgelopen, probeerde ze het opnieuw, maar de gordijnen schoven al dicht en een jongen van de crew stuurde haar weg. Uiteindelijk, toen niemand oplette, wurmde ze zich alsnog achter het doek.
‘Hebt u die bloemen nog kunnen geven?’, vroeg ik aan haar, even later in de foyer.
‘Jazeker’, zei ze, nog stikvol adrenaline. ‘Ik heb hem kunnen feliciteren en alles.’
Ik zei haar dat ik de hele avond haar verjaarskaart had horen piepen, maar dat ontkende ze om het hardst. ‘Dat is gelogen!’ Daarna wendde ze zich tot de camera van de Sachsenschau.
Alles bij elkaar was het een memorabele avond met Johannes Heesters, die monter zong dat hij niet hundert Jahre alt zal worden, maar honderacht en zelfs honderdnegen. De sigaret die zijn dochter Nicole hem op het podium aanbood, weigerde hij resoluut; de borrel die erbij kwam, sloeg hij in één keer achterover.
‘Er ist lebendige Theatergeschichte’, zei Ronald tegen de camera van de Sachsenschau, ‘aber kein Museumstück’.
Normaal is Ronald niet zo’n mediatype, maar dit kwam uit de grond van zijn hart. (Hij heeft trouwens ook dit filmpje gemaakt, waarvoor dank. Neem vooral de moeite om even te blijven kijken tot de 107-jarige begint te zingen, je weet niet wat je hoort. Wie dan nog meer wil, er staan nog meer filmpjes op Youtube.)

december 9th, 2010 at 22:46
Leuk artikel, grappig. Ik heb het fimpje bekeken maar een fan ben ik niet geworden. Wel nog nieuwsgieriger naar zijn groupies. Hoe oud? Bezeten van Johann Heesters, hoe komt dat zo?
december 10th, 2010 at 08:41
Groupies zijn respectievelijk 44 en 40 jaar. Elke keer weer verbaasd over hoe een 107-jarige nog steeds een zaal vol mensen om zijn vinger weet te winden. Denk je eens in; toen mijn buurvrouw van 87 nog geboren moest worden, stond Heesters al op het toneel.