Modder
Weer terug in Den Haag, liever gezegd “op Scheveningen” dat langzamerhand vorm krijgt, maar nu een puinhoop is. Het zand is zodanig tegen de ramen gejaagd dat we niets meer zagen. Modder op het balkon, modder op de buitentafel.
Het doet me aan de terugreis denken van Italië naar Nederland. In Florence, op weg naar Nice -we hadden besloten om na zoveel jaar weer eens via Ligura naar Zuid-Frankrijk te reizen en dan dwars door omhoog langs le Puy en Vezelay naar Mechelen om daar de tentoonstelling van Rik Wouters te zien- konden we amper slapen van de regen die op het dak beukte. De dag erop, vlak voor Lucca, zag ik een aantal brandweerauto’s met zwaar pompmaterieel. De brandweermensen vertelden me, dat er zeer grote schade was ontstaan de nacht ervoor. Voor La Spezia was de weg afgesloten en werden we langs de Via Aurelia geleid, die halverwege door volstrekt in paniek zijn de politieagenten, werd afgesloten. Eigenlijk was het gehele gebied achter de Cinque Terre afgesloten. We kwamen niet naar Nice, maar moesten over de bergen heen naar Parma om vandaar naar Piacenza weer terug te reizen naar de kust bij Genua. In het plaatsje Aulla zag ik wat er gebeurd was. Hevige modderstromen hadden het stadje bedolven, huizen in de vaart weggevaagd en auto’s over elkaar gegooid. We reden stapvoets door de grote straat en zagen mensen die tot aan hun enkels waren weggezakt. De man bij de benzinepomp vertelde me, dat er 50 winkels waren geweest, maar de meesten waren gedurende de nacht weggespoeld. Ook een van de prachtige Cinque Terr, Porto Rosso, was zwaar aangetast: zes doden en een aantal vermisten en grote, heel grote schade. Dit soort natuurgeweld is moeilijk te voorkomen, maar met goed overheidsbestuur en minder politiek had men iets kunnen doen wat al jaren had moeten gebeuren: niet meer ontbossen en betonnen wallen maken langs de kwetsbare hellingen.
Dit alles maakt de operatie Scheveningen, gericht op mogelijke gevolgen van een storm die eens in de zoveel duizend jaar kan voorkomen (dus morgen, over een jaar, nooit tijdens ons leven) toch wel tot een staaltje bestuur, waarbij de politiek en de techniek hand in hand optrekken. Dat we er misschien een heel mooie nieuwe Boulevard aan over houden is mooi meegenomen. We nemen daarom toch de modder maar even voor lief.
Ik ben toch benieuwd hoe uiteindelijk de verbinding met de Keizerstraat wordt vanaf de boulevard. De straat is wel toe aan een grondige Renaissance. Half voetgangersgebied, tweeslachtig, veel leegstand, een kleine opleving aan de kop. Ik hoorde half en half dat de winkeliersvereniging gevraagd zou hebben om een soort beeldenroute (net als langs de Bijenkorf) te creëren, deels vast, deels met elk jaar een wisselende tentoonstelling, zoals in Kijkduin om de mensen te trekken naar de “street” te komen, die ook qua gevels een opknapbeurt verdient. Ik heb gezien hoe mooi de vissersvrouw op het plein staat. Niet dat ik daarmee aangeef dat ze voor de kerk zou moeten blijven staan -ik hoor PPS-fractievoorzitter al kermen over deze gedachte- de vissersvrouw hoort op de boulevard. Maar je zou de ruimte iets kunnen aankleden met mooie beelden die verwijzen naar het verleden van Scheveningen.
Ik zal, als de rust na de lange reis weer is weergekeerd, mij in het bruisende Den Haag storten en proberen weer te bloggen over de stad. Voorlopig zit ik nog met de nasmaak van de ellende in Ligurie en Toscane, gelukkig gedeeltelijk verlicht door de stralende zon in Frankrijk. Al voelde ik me heel schuldig als ik genoot.

Geef een reactie