De wereld van de Haagse kunstenaar, 88 – Aat Verhoog

Aat Verhoog

Op een zonnige tweede pinksterdag ging ik op bezoek bij Aat Verhoog. Zijn atelier bevindt zich op het landgoed Oosterbeek op de grens van Wassenaar en Den Haag. Op dit terrein bevond zich het befaamde Filmcomplex ‘Filmstad’ van Loet Barnstijn. Veel gebouwen ervan zijn verdwenen, maar de voormalige technische werkplaats is er nog en biedt nu werkruimte aan kunstenaars als Aat Verhoog.

Aat Verhoog zit in een lage tuinstoel van de zon te genieten, hij rust even uit van het werk van een beeld dat hij aan het boetseren is. Hij doet het in was. We gaan naar binnen. Marcus Aurelius, een teckel van 12 jaar oud, kijkt op vanuit zijn mand. “Was is hard, het wordt zacht in je handen” zegt Verhoog. “Ik modelleer beelden in was, dat is nog goed te doen. Om met een brok marmer aan het werk te gaan, is andere koek.”

IJverig vergulder

Het beeld is een hoofd met een vogel, ik zag het ook op een schilderij van hem in zijn recente tentoonstelling in Pulchri. Als het beeld in was gereed is, gaat het naar de bronsgieter, dan wordt het een bronzen beeld. Verhoog: “Mensen vonden het schilderij mooi. Dan moet er ook maar een beeld van komen, besloot ik. Ik denk dat ik de kop van het vogeltje van goud maak. Ik ben een ijverig vergulder.”

Er staat een ander beeld rechts van ons: een beeld van Hermes, de boodschapper der goden, met veertjes aan beide zijden van zijn kuif om koers te houden op zijn vluchten. Het gaat naar een buitententoonstelling in het Hofje van Nieuwkoop. “Het wordt daar waarschijnlijk mooier van. Het mooist is als beelden drie eeuwen onder de grond zitten. Je moet dan wel een beetje geduld hebben, natuurlijk.”

Doorwerken

Twee ezels staan er verder. Op de linker een werk in wording, het is bijna klaar. Een jonge vrouw die een haar blauwe trui aantrekt. Of trekt ze het uit? Ze heeft mooie schoentjes in geblokt kleurpatroon. “Naar echt model, die schoentjes staan meer hier dan in de kast van mijn vrouw. Op het schilderij komt nog een flinke laag goud.” Erachter meer schilderijen. Een vrouw op een trap, een eend vliegt voorbij. Hoofd en eend worden bijna een geheel.  Verhoog haalt wat ander werk weg, en dan blijkt het ineens een heel langwerpig schilderij te zijn, met onder aan de trap een jongetje met lange haren.

Verhoog werkt goed door, dat is wel duidelijk. Hij is al 84, maar dat wil niets zeggen. “Co Westerik, ook uit Den Haag oorspronkelijk, hij woont nu in Rotterdam, is al in de 90. Hij werkt ook goed door. Zo nu en dan zie ik hem en zijn nieuwe werk. Af en toe zit er een prachtig schilderij tussen.”

Vrouwen

Hoe is zijn laatste tentoonstelling bij Pulchri met de titel ‘Aat Verhoog nog steeds!’ ontvangen? “Er waren veel mensen op de opening. Max Douw opende het. Hij is zanger, muzikant en liedjesschrijver, kleinkunstenaar noemen ze het ook wel. Hij had een lied gemaakt dat hij zong achter de vleugel. Vroeger schreef de krant over iedere tentoonstelling. Dat gebeurt niet meer, ze doen het nog wel  over musea tentoonstellingen. Mijn vrienden en bekenden hebben het allemaal gezien. Dat is voor mij belangrijk, of de rest van mensheid er kennis van neemt weet ik niet.”

Verhoog houdt ervan vrouwen te schilderen, veel jonge en bekoorlijke vrouwen. Verhoog: “30 jaar geleden had ik mijn atelier in de Schilderswijk. Af en toe ging ik naar het café van Henny Zwikker aan de Hoefkade. Daar zat vaak een oudere man. ‘Ben jij schilder?’ vroeg hij me eens. Om te vervolgen met ‘Meneer: het mooiste onderwerp om te schilderen is een nakend wijf. En dat in goed Haags. Toen dacht ik: ‘Nou, zo is het ook gewoon’.”

Caravaggio

Ik zie het rechter stuk van een prachtig drieluik dat ook in Pulchri hing. In het centrale deel wijst een blonde vrouw een vrouw met zwart haar het gat van de deur. Het lijkt wel een klassiek stuk dat ook in de Renaissance gemaakt zou kunnen zijn onder de titel’ De verdrijving van de Boze Engel naar de Hel’.

Verhoog: “De dames hebben onenigheid. De blonde wijst de zwartharige weg. ‘Voi sapete ch’ io vi amo’ ‘Je weet dat ik altijd van je gehouden heb’. Het staat op een schilderij van Caravaggio. Hij is in 1610 overleden. Ik ben een groot bewonderaar van hem. Die tekst staat bij Caravaggio op een schilderij in een partituur, een 16e eeuws lied over de liefde. Een grandioos schilderij.”

Caravaggio was de meester van het clair-obscur. Verhoog: “Clair-obscur diende bij hem, afgezien van de dramatiek, als constructie van het schilderij. In de renaissance ontdekten schilders hoeveel meer realiteit benaderd als centraal perspectief verlaten werd. Het leek alsof er weer naar buiten kon worden gekeken. Rafael was een van die ontdekkers. Een klassiek thema als Maria’s hemeltocht, of Christus’ hemeltocht pakte hij aan vanuit meer perspectieven.”

Rembrandt

Caravaggio deed dat ook. “Hij liet de horizon weg, liet de schilderkunst lijken op de Chinese schilderkunst. Om de beurt kijk je naar verschillende figuren, iedere figuur in zijn eigen perspectief. Een van zijn allermooiste schilderijen is ‘De zeven werken van barmhartigheid’. Voor hem maakten schilders daar vaak zeven schilderijen van. Hij doet het in een schilderij, alle taferelen lopen in elkaar over. Tussen de taferelen zijn donkere stukken. Iets dergelijks gebeurt ook in de Nachtwacht van Rembrandt. Rembrandt heeft het idee van het clair-obscur van Ter Brugghen en Honthorst, Italianisanten, die terug naar Nederland waren gekomen. Ik denk niet dat Rembrandt ooit een werk van Caravaggio gezien heeft. Werk van Caravaggio is overigens wel in Nederland geweest, Rembrandt was toen 10 jaar oud, woonde in Leiden op de molen. Het decentrale perspectief gebruik ik ook in mijn werk. En de onderdelen breng ik, zoals zij dat ook deden, samen.”

Lithografie

Aat Verhoog is een goede docent, merk ik. Hij blijkt dat ook gedaan te hebben op de Vrije Academie. Daar gaf hij les in lithografie. Hij is begonnen als lithograaf, vertelt hij. “Ik zat op de Koninklijke Academie Voor Beeldende Kunsten in Den Haag.  In de jaren ’50 was dat. Ik bezocht op zeker moment een vriend in Antwerpen, die was lithograaf. Ik zag zijn werk. ‘Jezus, ik wil litho’s maken!’ Ik vroeg De Hey, directeur van de KABK of het mogelijk was. Dat was het, maar pas in het vijfde jaar. Zoveel geduld had ik niet. Ik ben toen naar de Vrije Academie gegaan, waar Livinus van de Bundt de scepter zwaaide, hij was graficus. Van hem heb ik leren lithograferen. Vandaaruit ben ik pas later gaan schilderen. Toen ik 70 was ben ik beelden gaan maken. Achteraf gezien had ik het omgekeerd moeten doen.” Grafiek maakt hij niet meer, zijn persen heeft hij verkocht. “Ik zou dat niet meer kunnen. Het is een te zware bezigheid. Veel oudere grafici krijgen last, je moet buitengewoon ‘handvast’ zijn. Het moet goed zijn en anders niet.“

Vermeer

Heeft hij sleutelwerken, werken die een wending in zijn werk betekenden? Die heeft hij, maar die zijn verkocht, zegt hij. Het zijn werken die zijn overstap van direct realisme naar meervoudig perspectief laten zien. “Het directe realisme, een nageschilderde foto bijvoorbeeld, levert mooie dingen op. Je kijkt als het waren met ‘de blik van het fototoestel’. Johannes Vermeer had die blik ook. Hij werkte zelfs met een camera obscura. Maar als je goed kijkt, bijvoorbeeld op het schilderij ‘De brieflezende vrouw’ zie je dat er geen sprake is van een fotoblik, maar van drie fotoblikken. Zo heeft hij alles mooi bij elkaar op een schilderij kunnen krijgen. Toen ik ontdekte dat Vermeer dat kon, dacht ik ‘Ja, ik ga mijn schilderijen aanvullen met andere elementen, en daar toch een eenheid van maken, anders krijg je een soort rebussen.’”

Patrick Modiano

Iets wat realistisch lijkt, maar dat bij nader inzien niet is, dat is ook te lezen in de boeken van Patrick Modiano. “Ik lees hem graag. Hij won vier jaar geleden de Nobelprijs. Hij beschrijft gebeurtenissen  op het eerste gezicht plausibel, maar als je het onderzoekt zijn ze dat niet meer. Zo beschrijft hij bijvoorbeeld dat zijn vader hem onder de metro probeerde te duwen en dat omstanders dat verhinderden dat. Het verhaal speelt in de oorlog, in ’43. Modiano voelde de ring van zijn vader in zijn rug, schrijft hij. Het is de vraag of dat wel reëel was. In die tijd droegen veel mensen hun ringen en horloges uit het zicht. Ze hadden die een halve slag gedraaid. Zeker de joden deden dat. Modiano is een sefardi jood. Ik was een paar jaar geleden bij een joodse vriend in Saint Jacques Cap Ferrat. Ik vroeg hem: moet ik Modiano een brief schrijven? Dat je die ring niet kan voelen? Dat hoefde ook weer niet. Zo realistisch en niet-realistisch tegelijk als Modiano schrijft, zo realistisch maak ik mijn schilderijen.”

Westerik, Andrea en Nobbe

Zestig jaar geleden, hij was 24, net van de Academie af, begon Aat verhoog met zijn werk. En nu is hij 84. Hij vindt, terugkijkend, mooi dat hij al die tijd kunstenaar heeft kunnen zijn. In die hele tijd is hij ook lid van Pulchri geweest. “Ze hebben mij erelid gemaakt bij laatste tentoonstelling. Ik kreeg een mooi plakkaat voor achter glas. En ik hoef geen contributie meer te betalen. Ik vroeg ze ‘Waarom heb je dit niet 60 jaar geleden gedaan?’”

Aan het begin van zijn carrière had Verhoog grote bewondering voor Co Westerik. Die bewondering is er nog steeds. En dat geldt ook voor het werk van Pat Andrea en Walter Nobbe, Haagse kunstenaars die nauw samenwerkten. “Nobbe maakte, evenals Andrea, prachtig werk, jammer dat hij zo vroeg gestorven is.”

Dichters raakten geïnspireerd door het werk van Verhoog. Gerrit Kouwenaar schreef tien gedichten over zijn werk. Tot slot van dit verhaal een Kouwenaar gedicht bij het schilderij ‘Blue Summer’ (1978) met een vrouw in een witte uitklapstoel op een kiezelstrand. De vrouw is blauw, de lucht is blauw en ook de kiezels hebben een blauwe glans.

‘blauwe namiddag’

Op de rand van het land en de zee
sluimert de muze in haar vlees

Uit het kuise blauw van haar borsten
stippelt zij dromend haar bloedige morse

Onder haar puntgaaf vervalste zetel
liggen de kiezels zo groot als cliché ’s

Heeft zij ze geboren?
nee, hij heeft ze gestorven

heeft zij ze gezoogd?
nee, hij heeft ze geleegd

Heeft zij ze gedroomd?
nee, hij heeft ze ontwaakt

heeft zij ze geteld?
nee, hij heeft ze gemaakt

kent zij ze een voor een?
nee, hij kent er maar één

volmaakter dan een vertoog
de kiezels van verhoog

1178 getoond, 235 bekeken

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Om Spam en automatische reacties te voorkomen aub onderstaande beantwoorden *