”Den Haag, je tikt er tegen en het zingt”

gerrit 002

Fischerstraat 133, Paul Kruger School (foto Jan Fokkema)

De dichter Gerrit Achterberg (1905-1962) woonde in de periode 1930 tot 1933 in Den Haag. Veel Hagenaars kennen met name zijn dichtbundel ”Ode aan Den Haag”. De bundel omvat vijftien sonnetten. Zij handelen vooral over Haagse straten (Noordeinde, Passage) en (chique) bedrijven (Bijenkorf, Gerzon).

Onderwijzer in Den Haag
Gerrit Achterberg is onderwijzer. Om dichter bij een vriendin te wonen en voor het behalen van zijn hoofdakte, solliciteert hij in Den Haag. De sollicitatie is succesvol. De gereformeerde dichter krijgt een aanstelling als schoolmeester bij de protestant-christelijke Paul Kruger School in de Fischerstraat 133 (Transvaalwijk). Hij gaat ook wonen in Den Haag. Eerst in de Sneeuwbalstraat nummer 125, daarna verhuist hij naar de Valkenboslaan nummer 128. Het gaat niet goed met de meester. Na eerdere incidenten is Achterberg handtastelijk jegens een leerlinge en wordt hij met verlof gestuurd (lees: geschorst). Gezien zijn gedrag adviseert men hem opname in een psychiatrische inrichting. Gerrit ziet dat zelf ook in en vraagt in 1933 om ontslag bij de Paul Kruger School.

sneeuw 001

Sneeuwbalstraat 125, voormalig woonhuis Gerrit Achterberg (foto Jan Fokkema)

Achterberg en Den Haag
De dichter voelt zich niet echt thuis in Den Haag. Hij legt ook nauwelijks contact met Hagenaars. In zijn Haagse periode schrijft hij het gedicht Woestijnstad. Dat is niet erg vleiend voor Den Haag. Bij een woestijn denkt men toch vooral aan begrippen als dor, droog, leeg en levenloos. Vele inrichtingen later schrijft Achterberg in 1953 de dichtbundel ”Ode aan Den Haag”. De titel is veelbelovend. Ziet hij de fraaie, groene stad nu anders?

Ode aan Den Haag
Via de vijftien sonnetten schetst Achterberg een beeld van de stad. Het gaat dan om (chique) bedrijven en straatnamen. Opvallend is dat die bedrijven bijna allemaal verdwenen zijn. Zoals hotel Du Vieux Doelen aan het Tournooiveld en Liberty (bij Hagenaars beter bekend als Metz & Co) in de Hoogstraat nummer 10. Ook Gerzon (Venestraat 36) en Galeries Modernes (Plaats 9) bestaan niet meer. Evenzo is begrafenisondernemer Innemee aan de Hooikade verdwenen. Het bedrijf verzorgde diverse uitvaarten voor de Koninklijke Familie. Prachtig zijn overigens de beginregels van het gedicht Innemee: ”Ze worden hier begraven met een haast/alsof de dood hen op de hielen zit”. Het meest bekende Haagse sonnet van Achterberg is wel Passage.

Passage
In de Passage en wel bij de kruising van de drie armen, is het gedicht met dezelfde naam op een plaquette aan de muur vereeuwigd. De bekende slotregels zijn: ”Den Haag je tikt er tegen en het zingt/in de Passage krijgt de klank een hoog/weergalmen en omlaag een fluistering/tussen de voeten en het graniet/rode hartkamer die in elleboog/met drie uitmondingen de stad geniet”. De zinsnede ”tikt er tegen en het zingt” klinkt positief. Je moet er wat moeite voor doen, maar dan ontdek je ook het bijzondere karakter van Den Haag. Net als een eitje dat zich na het tikken wat gemakkelijker laat pellen. Helaas zie je dat positieve niet in de andere gedichten terug. Het is tussen Achterberg en Den Haag – mede dankzij zijn ongelukkige periode in deze stad – nooit meer goed gekomen.

Een echte ode aan Den Haag
Gelukkig vallen er in de literatuur en in songteksten wel echte odes aan Den Haag te ontdekken. Bij dit eerste kan je denken aan de Haagse romans en verhalen van Couperus, F. Springer, Kees van Kooten en aan de boeken van Tomas Ross, die zich vaak in Den Haag afspelen. Prachtig is ook het gedicht ”Zomertram” van Michel van der Plas, die een rit met de open tram naar Scheveningen beschrijft. Bekende songteksten zijn er van Conny VandenBos (In Den Haag is een laan), Conny Stuart (wat voor weer zou het zijn in Den Haag), Paul van Vliet (Den Haag met je lege paleizen), Wieteke van Dort (Arm Den Haag), Harry Klorkestein/Klein Orkest (O, o Den Haag), Dolf Brouwers/Sjef van Oekel (Daar bij die Haagse toren) en De Regâs (De mèsjes uit Den Haag). Ik ben er waarschijnlijk een paar vergeten.

1335 getoond, 223 bekeken

One thought on “”Den Haag, je tikt er tegen en het zingt”

  1. Nog aardig om te vermelden dat Annie M.G. Schmidt van de liedtekst Wat voor weer zou het zijn in Den Haag, geruime tijd in een pension heeft gewoond in de Van Speijkstraat 44 toen zijn voor notaris studeerde.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Om Spam en automatische reacties te voorkomen aub onderstaande beantwoorden *