The Upside Cafe: lunchroom zonder beperkingen

Op het eerste gezicht is The Upside Café aan de Thomsonlaan een gewoon lunchcafé, net als vele anderen. Gezellig, modern en een prima kaart. Maar wie iets beter kijkt, ziet dat dit geen gewoon lunchcafé is. Wordt bij andere lunchrooms veel kant-en-klaar aangeleverd, hier wordt alles met de hand bereid. Sauzen, soepen, taarten. Alles komt uit eigen keuken. Kwaliteit is hier wat de klok slaat.

Jentel (bron: de Hofpas)

Wie nog iets beter kijkt, ziet nog meer verschillen. Het personeel in de keuken en bediening zijn mensen met een verstandelijke beperking. Mensen met Down-syndroom of autisme. ‘The Upside Café is een lunchroom waarin ‘onze mensen een gewone baan kunnen hebben’, zegt Miranda Broers, de oprichtster van The Upside Café, als ik haar vraag wat voor haar het Upside Café is.

Miranda verwisselde 3½ jaar geleden haar baan van marketingmanager bij de Dr. Anton Philipszaal en Lucent Danstheater voor het onzekere bestaan van het sociaal ondernemerschap. Haar zoon Hidde was de grote inspiratiebron voor deze carrièreswitch.

Als moeder van een zoon met Down-syndroom ondervond ze in het dagelijkse leven allerlei beperkingen. Niet zozeer bij haar zoon, maar wel bij de manier waarop wij – de maatschappij – met mensen met een beperking omgaat. ‘Alles wat maar een beetje buiten het ‘normale’ beeld valt, wordt weggeorganiseerd. Grote instellingen waarbij de dichtstbijzijnde bushalte op 15 minuten lopen staat. Kun je je voorstellen hoe beperkend dat is’, vraagt ze retorisch.

Kwaliteiten benutten

‘Mensen met een verstandelijke beperking kunnen zoveel meer dan wat nu van ze gevraagd wordt’, aldus Miranda.  Het was ook deze gedachte die haar het concept van The Upside café deed ontwikkelen. ‘Onze mensen’, zoals ze haar werknemers noemt, ‘hebben net als jij en ik behoefte aan een arbeidsmatige besteding van de dag. Gewoon een prestatie neerzetten en het gevoel hebben dat je nodig bent geweest. Dat is een totaal andere ervaring dan dagbesteding waar het niet uitmaakt hoeveel servetten je die dag hebt gevouwen.’

Het verhaal van Fabian bewijst inderdaad hoe belangrijk dat is. Fabian werkt nu 3,5 jaar in The Upside Café. Zijn moeder kwam destijds bij Miranda met het idee dat Fabian heel snel ‘aan het verouderen was’. De wooninstelling waar Fabian destijds verbleef reageerde totaal niet op haar zorgen. Hij maakte ook een oude indruk, kin op de borst, inééngedoken, depressief eigenlijk. Maar nu, 2,5 jaar later, zwiert hij over de vloer als de meiden van een nabijgelegen middelbare school even koffie komen drinken. “Laat die maar aan mij over” is nu de gevleugelde uitspraak van Fabian. Niets aan hem doet meer denken aan een verouderend persoon. Integendeel.

Hoe belangrijk zo’n verhaal ook is, het is niet het bestaansrecht van het café. Een goed product is het bestaansrecht van het café. Net zo goed zijn of eigenlijk beter dan vergelijkbare lunchcafé’s. Miranda: ‘Je kan een bedrijf als dit niet runnen op de gunfactor. Mensen komen daar misschien één keer voor binnen, maar ze komen er niet voor terug. En dat moet wel als je wilt blijven bestaan.’

En dat het Upside Café bestaansrecht heeft, dat heeft Broers inmiddels wel bewezen. Het café op de Thomsonlaan is niet langer het enige Upside Café. Ook in de Weissenbruchstraat in Benoordenhout en in Delft zijn inmiddels Upside Cafés geopend. En alle drie draaien ze goed. En niet alleen de café’s, maar ook de cateringsactiviteiten van Upside.

Bron: De Hofpas

Orpheus en Eurydice

Als ik Miranda spreek maak ik ook kennis met Walter. Hij werkt al vanaf het begin met heel veel plezier bij Upside. In tegenstelling tot andere ‘werkprojecten’ is het bij Upside niet de bedoeling om uit te stromen. Mag wel, maar hoeft niet. Ook hierin is Upside een gewoon bedrijf.

Walter is net als ik een enthousiast acteur. Hij vertel over z’n laatste productie. Orpheus en Eurydice. Onbewust neem ik aan dat hij een kleine bijrol heeft gehad. Maar wat blijkt: hij speelde de hoofdrol. Lange lappen tekst waar ik zelf nogal tegenop zou zien. En helemaal tekstvast. Denise, die de begeleiding in de bediening heeft, heeft de voorstelling gezien: ‘Het was helemaal Walter op het toneel maar ook weer helemaal niet’, zegt ze vol bewondering. Walter heeft zogezegd talent.

Op de weg naar huis overdenk ik mijn ontmoetingen. Niet alleen met Walter, maar ook met Lizzy en Jentel die ook in het café werken. Het is waar. Wanneer zie je iemand met Down in het gewone straatbeeld. Bijna nooit. En wat is mijn idee van wat mensen met Down weten, kunnen en denken?

Onderschatting is, denk ik, het woord, want je kunt prima praten met mensen met een lichte vorm van Down-syndroom. Met Walter sprak ik bijvoorbeeld over Phoenix, de mythische vogel die uit zijn as herrees. En ook Lizzy kon prima vertellen over haar ervaringen met het televisieprogramma Kitchen Impossible en Jentel over haar school, haar woonsituatie en haar liefde voor paarden.

Ik kijk nog eens om me heen, naar alle mensen die op weg zijn naar hun werk of belangrijke afspraken. Met hoeveel van hen zou je kunnen praten over Phoenix of Orpheus? Ik denk eigenlijk niet met zo heel veel. Tja, wie heeft er dan een beperking eigenlijk?

Hofpasvoordeel: Bij een broodje of salade, GRATIS een glas Jus d’orange of sapje van de dag. Vestigingen: Weissenbruchstraat 34 & Thomsonlaan 90e.


Partnerbijdrage door: Bert Vink

Ook profiteren van deze en vele andere aanbiedingen? Vraag De Hofpas dan gratis aan!

1648 getoond, 154 bekeken

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Om Spam en automatische reacties te voorkomen aub onderstaande beantwoorden *